Overslaan en naar de inhoud gaan
Documentnummer 1428-094, laatst bijgewerkt op 3 april 2023, periode 1788

13 augustus 1788

Vindplaats van het origineel

Regionaal Archief Tilburg, toegangsnummer 1428, Charterverzameling Tilburg (en Goirle, Berkel-Enschot en Udenhout), inv.nr. 94

Samenvatting oorkondetekst

Akte waarbij de Raad en het Leenhof van Brabant aan Diderik Johan, graaf van Hogendorp en Hofwegen, heer van Tilburg en Goirle, toestemming verleent om bij testament over zijn leengoederen te mogen beschikken.

Transcriptie

De eerste Preesidee ǁ rende ende andere Raden van den Rade ǁ en Leenhove van Braband ende Landen ǁ van Overmaze, Allen den geenen die ǁ deezen zullen zien, ofte hooren lezen, ǁ saluijt, Doen te weetene, dat wij ǁ ontfangen hebben de supplicatie van ǁ Diderik Johan Grave van Hogendorp ǁ van Hofweegen Heer van Tilburg en ǁ Goirle, innehoudende, dat hij suppliant ǁ gaarne bij testament van zijne ǁ leengoederen, van onzen Leenhoven ǁ releveerende zoude disponeeren, ǁ so keerde den suppliant hem aan ons ǁ en den gemelde Rade en Leenhove ǁ ootmoediglijk versoekende dat onze ǁ goede geliefte zijn wilde hem suppliant ǁ te verleenen brieven van octroij ǁ met de clausule van substitutie in ǁ communi forma, soo ist dat wij

 

Rechtsboven:

Ic Lucadou

 

Linkermarge:

Octrooij om ǁ van leengoederen ǁ te disponeeren ǁ met de cl(ausul)e van ǁ substitutie ǁ M.H. van Son heer ǁ procureur

 

het geene voorschreeve is, overgemerkt ǁ ende geexamineert hebbende, ende ǁ geneegen wezende ter beede vanden ǁ suppliant, hebben dezelve geoorlooft ǁ geconsenteert ende geoctroijeert, zo wij ǁ dezelve oorlooven consenteeren, ende ǁ octroijeeren uijt sonderlinge gratie bij ǁ deezen, dat hij suppliant van allen ǁ zijne leengoederen onder onzen jurisdictie ǁ en district, en den Lande van Braband ǁ ende Overmaze geleegen, zal mogen ǁ disponeeren, en ordonneeren zijn testament ǁ en uijtterste wille met de clausule ǁ van substitutie en fideicommis en ǁ de eerste reijze, het zij voor notaris ǁ en getuijgen, voor scheepenen mannen ǁ van leen onder zijn handteeken ofte ǁ andersints naar zijn geliefte ende ǁ goeddunken, ende bij denzelven zijnen ǁ testamente, zijne voorsz. leengoederen ǁ in al of in deele maken geeven ende

 

laaten ofte erffelijk ofte lijfrenten ǁ daar op bewijzen zijne kinderen, (so der ǁ zijn) en broederlijke en susterlijke ǁ deijlingen ofte andere zijnde vrienden ǁ magen ende andere, daar ende alzo ǁ hem dat gelieven ende goetdunken ǁ sal, ende dat altoos mogen meerderen ǁ minderen ende veranderen zijn voorsz. ǁ testament ende uijtterste wille de welke ǁ hij alzo maken zal ofte alreede ǁ gemaakt mogte hebben so met de ǁ clausule van substitutie en fideicommis ǁ in de eerste reijze als vooren ǁ wij geconfirmeert gewillekeurt en ǁ geapprobeert hebben, confirmeeren ǁ willekeuren ende approberen als nu voor ǁ als dan met deeze onze brieven willende ǁ dat het zelve van magten ende waarden zij, ǁ blijve ende gehouden worden t eeuwigen ǁ dage, ende dat zijne voorgeroerde leengoederen ǁ ende insgelijks de renten lasten ende ǁ commeren daarop volgens zijne kinderen ǁ ofte andere zijne vrienden magen ende ǁ andere, die hij bij denzelven testamente

 

of uijtterste wille gegeeven gemaakt, ǁ ende gelaten mogte hebben, in alder voegen ǁ en manieren, of zij voor der Heerens ǁ Hoven ende andere banken regt, daar ǁ af de voorsz. goederen gehouden ende onder ǁ geleegen zijn, daar inne gegoeijt ende ǁ geerft waaren, behoudelijk voor zo verren ǁ den suppliant possideert ofte namaals ǁ possideeren mogte eenige leenen ǁ leenroerig van den voorsz. Raade en ǁ Leenhove gehouden zal zijn, dezelve te ǁ verheffen, mitsgaders dat na des ǁ suppliants aflijvigheid den geene die ǁ den suppliant zijne voorsz. goederen ofte ǁ renten daarop alzo sal hebben gemaakt ǁ gegeeven ofte gelaaten, zo verre zij die ǁ aanvaarden willen gehouden zullen ǁ zijn dezelve goederen ofte renten te ǁ ontfangen, en ons in den voorsz. Leenhove ǁ ende den Smaelreheeren, naar ons ende ǁ heurs hofs regt schuldig ende gehouden ǁ zijn te doen, hier inne voorsien, dat ǁ den suppliant bij zijn voorsz. testament

 

off uijttersten wille niet en zal mogen ǁ disponeeeren over zijne voorschreeven ǁ leengoederen tot behoef van eenige ǁ geestelijke persoonen kercken cloosteren ǁ en godshuijzen, ofte andere doode handen ǁ in eeniger manieren, ontbieden daarom ǁ alle onze officieren en vasallen, ende den ǁ Smaelreheeren, regteren justicieren ǁ mannen van leen, scheepenen laeten ǁ ende andere onderzaaten, heur stedehouderen ǁ nu zijnde, en namaals wezende, ende ǁ allen anderen, die het aangaan mag ǁ ende elke van hun bezundere, dat zij ǁ den suppliant van dezer onzer tegenwoordige ǁ gratie, oorlove, consent, confirmatie ǁ ende approbatie peijzelijk ende vredelijk ǁ doen ende laten genieten en gebruijken ǁ en des suppliants testament ende uijtterste ǁ wille, de welke hij in der manieren ǁ voorsz. maken zal, ofte alreede ǁ gemaakt mogt hebben voor goet vast ǁ gestendig van magten en waarden ǁ houden ende doen houden t eeuwigen ǁ dage, doende den geenen die den suppliant ǁ eenige goederen ofte renten daar op zal

 

hebben gemaakt gegeeven ofte gelaaten ǁ die rustelijk en vredelijk genieten en ǁ gebruijken, zonder hen lieden daar teegen ǁ eenig hinder stoor oft belet te doen of te ǁ laaten geschieden nu nog in toekomende ǁ tijden, in eeniger manieren, niet tegen ǁ staande eenige costumen gewoonten ofte ǁ landreghten ter contrarie, want wij bevonden ǁ hebben het zelve alzo te behooren, Ende ǁ des 'Toirconde hebben wij den zegel van ǁ den voorsz. Rade en Leenhove hier aan ǁ doen hangen, en bij onzen griffier ǁ onderteekenen, Gegeeven in 's Gravenhage ǁ dertien dagen in de maand van ǁ Augustus int jaar onzes Heeren ǁ duijzend zeeven hondert agt en ǁ tagtigh

Bij de voorsz. Eerste Preesideerende ǁ ende andere Raaden ǁ P. de Jonquieres

[***]

 

Dorsale aantekening:

Numero 22

Octrooij verleend ǁ aan Diderik Johan Grave van ǁ Hogendorp Heer van Tilburg en ǁ Goirle om te disponeren ǁ van zijne leengoederen ǁ met clausule van substitutie ǁ de dato 13 augustus 1788

 

In potlood:

A ǁ Behoord bij ǁ de bewijzen ǁ van eigendom