Overslaan en naar de inhoud gaan
Documentnummer 3167-0025, laatst bijgewerkt op 3 april 2023, periode 1617

8 december 1617

Vindplaats van het origineel

Regionaal Archief Tilburg, toegangsnummer 3167, Charterverzameling Oosterhout, inv.nr. 25.

Samenvatting oorkondetekst

Octrooi van de Raad van Brabant in Den Haag voor schout, schepenen en regeerders van de vrijheid van Oosterhout, om gedurende twee jaar belasting te heffen op verschillende handelsgoederen met specificaties om daarmee de kosten te dekken voor het uitdiepen en aanpassen van de haven. 

Transcriptie

D'eerste ende andere Raeden van Brabant onder de geunieerde provintien, Allen ǁ den geenen die dese tegenwoordige sullen sien off hooren lesen saluijt, Doen te wetene dat wij ontfangen hebben d'oitmoedige supplicatie van onse lieve ende beminde schouteth ǁ schepenen ende regeerders der vrijheijt in Oosterhout soo voor haer selven als vuijt den naeme van haere gemeente, inhoudende hoe dat d'voors. supplianten bij desen raede op den sevenden Aprilis in den ǁ jaere XVIC vijfthien vergunt ende verleent sijn behoirlijcke brieven van octroij voor den tijt van twee jaeren omme alle vuijtgaende ende incomende coopmanschappen binnen d'voors. vrijheijt van Oosterhout in conformite ǁ van de lijste daer van den voors. raede geexhibeert te moegen beswaeren met de lasten ende imposten breder op iedre coopmanschappen in de selve lijste gespecificeert ende dat omme te vervallen d'oncosten van de diepinge ǁ van de haven, maeckinge van de sluijsen, metten gevolge ende aencleven vandijen, breeder in de voors. brijven van octroij vermelt, ende gemerckt d'voors. haven metten gevolge van dijen nijet eer heeft cunnen gediept ǁ ende voltrocken werden als in den jaere XVIC sesthien, naer welcken tijt eerstmael d'voors. impost ende beswaernisse op de coopmanschappen in ofte vuijt deselve haven gaende ende comende gestelt, heeft ǁ cunnen, in treijn gebracht ende geprofiteert mitsgaders oock verpacht werden soo en hebben de supplianten nijet meer als een jaer te weten het jaer XVIC sesthien pachts cunnen profiteren mits dat het voors. ǁ octroij in aprili XVIC seventhien voorleden geexpireert is ende ingesien mede dat d'voors. impositie ende opstal nijet meer als tusschen de twee ende drij hondert carolus gulden is verpacht geweest ǁ daer nochtans het diepen van de voors. haven ende gevolch vandijen de supplianten over de twaelff hondert carolus guldens gecost heeft ende dat sij supplianten nijet meer als een jaer pachts voort ǁ voors. [jaer XVIC sesthien] genoten hebben: sulcx dat sij supplianten een groote ende merckelijcke somme te cort comen ende ongelijck meer aen de voors. havene hebben gedispendeert ende vuijtgegeven ǁ als [***] impositie ofte opstellingen hebben genooten ofte geprofiteert, Behalven dat sij supplianten noch [***] oncosten doen omme d'voors. haven in bequame diepte ende andersints ǁ [***] sij supplianten genootsaeckt hun t'addresseren aen desen raede, oitmoedelijcken versoeckende onse [***] acte van continuatie van den voors. octroije in desen dienende ǁ so [***] aengemerckt behoirlijck ende rijpelijcken geleth op t'voors. te kennen geven, ouboorlijckx vindende dat de supplianten den inhouden van den voors. octroije bij continuatie al noch mogen ǁ geniete[n] [***] den naeme ende van wegen d'hoochmogende heeren Staten Generael der Vereenichde Nederlanden den supplianten in conformite van den selven octroije gegunt geoorlooft ende ǁ geoctroijeert [***] gunnen oorloven ende octroijeren bij desen onsen brieve dat sij tot vervallinge van de voorverhaelde oncosten voor twee eerst comende jaeren ingaende datum deser brieven ende ǁ expirerende den [ach]tsten decembris XVIC ende negenthien sullen mogen bij continuatie heffen, innen, ende beuren d'imposten van de goederen hier naer gespecificeert naementlijck van de vuijtvarende goederen als ǁ van elck carveel schip geladen met potten, steen, ende dijergelijcke waaren off andere coopmanschappen eenen gulden van elck crabschuijt twaelff stuijvers, van elck ronde schuijt acht stuvers, van elck ǁ kaech off het schuijt ses stuijvers, van elck aeck off geubel vier stuijvers, van elck beijschuijt van ses voeder eenen stuver, van elck voeder potten twee stuijvers, van elck voeder steen twee oort stuijvers ǁ van elck voeder pannen, vorsten, ende leijdack eenen stuijver, van elck voeder potaerde, mosch, ende heij twee stuijvers, van elcke tonne honich drij stuijvers, [***]], van ǁ elck duijsent eijcken fasseelhout eenen stuijver, ende van elck duijsent dooffhout eenen halven stuver, van ijeder duijsent mutsaerts twee stuijvers, van elck stuck van tijcken van thuernhout twee ǁ stuvers, van elck vercken twee blancken, van ijeder hondert ponden was, twee stuijvers, van elck sester schorsse eenen stuijver, ende van de innecomende goederen als van elck pleijt mosch vier ǁ stuvers, van elcke tonne duijvenmist een oort stuver, van elck hondert delen vier stuvers, van elck last delen twee stuvers, van elck hondert revelaerts ende claphout vier stuvers, van boomsche capranen ǁ drij stuvers, van elcken vuren balck van acht off meerdere voeten drij oort stuvers, de mindere naer advenant, van elcke ton tras drij oort stuvers, van elck duijsent ijselsteen twee blancken, van hondert ǁ pont kaes eenen stuver, van elck last haringh ende aberdaen thien stuvers, van elcke ton meij off andere clop ende gedroochden visch eenen stuver, de minder vaten, benden, ofte manden naer advenant ǁ van elck hondert pont stockvisch eenen stuver, van elcke ton azijn eenen stuver, van elck ocxhooft wijns drij stuvers, van elck hoet smeecolen twee stuvers, van elck hondert pont ijsers eenen stuver ǁ van elcken sack sout eenen stuver, van elck tonne seep twee blancken, van elck hondert raepcoeck twee oort stuvers, van elck ton assen eenen stuver, van ijeder geubel hoeij thien stuvers, van elck ǁ voeder hoeij drij oort stuvers, van ijeder geubel turff ses stuvers, van elck hondert rijet eenen stuver, van elck hondert pont loot twee stuijvers, van hondert pont kennip eenen stuver, van elcke osse ǁ ofte koeije huijt eenen stuver, van elck hondert pont hoppe vuijt ende innecomende eenen stuver, item van ijeder wagen ofte [***] karre geladen met alderhande coopmanschap vuijt ende  innecomende ǁ telcke reijse als sij de vaert gebruijcken drij stuvers, de enckel karre twee blancken, met verstande nochtans dat alle [***] coopmanschappen binnen de voors. vrijheijt blijvende vrij sullen wesen ǁ van t'voeder gelt, midts betaelende alleenlijck de lasten daerop staende, dan off ijemant in sijnen huijse de selve opslouch, ende daer [***] Brabant in voerden, sal indijen gevalle ingelijckx gehouden ǁ sijn het voeder gelt te betaelen, dat oock de supplianten gehouden sullen sijn van haeren ontfanck van de voors. imposten ende [***] van dijen te doen reeckeninge bewijs ende reliqua t'eijnde van de ǁ voors. twee jaeren voor ons commissarissen van desen raede, ontbieden daeromme ende bevelen allen officieren, dienaeren van justitie off henne stedehouderen ende ondersaeten onder onse jurisdictie ǁ resorterende die dese eenichsints soude mogen aengaen dat zij den supplianten de voors. acte van continuatie te vuegen vooren verhaelt, peijselijck, ende vredelijck doen ende laeten genieten ende gebruijcken ǁ sonder hen int effect van dijen eenichsints te molesteren off hinderlijck te sijn, maer eer alle hulp ende assistentie doen ende bewijsen. Want wij bevonden hebben t'selve alsoo te behoorene, Gegeven in ǁ sGravenhage acht dagen inde maendt van decembri int jaer ons heeren duijsent ses hondert ende ǁ [***] 1617 ǁ Solaria voor dacte VII gulden XII stuvers sonder expeditie van de clerck den advocaet III gulden tsamen X gulden XII stuvers, voorden clerck XII stuvers tsamen XI gulden IIII stuvers Is betaelt bij be[***] ende daervan aen hen assignaet gegeven ǁ

 

In dorso:

octroij om de in en uitgaande coopmanschappen te ǁ mogen belasten tot goetmaking van de onkosten ǁ gevallen in het diepen van de Oosterhoutse vaart ǁ 1617 ǁ [***] ǁ 8 decembris ǁ XI ǁ 1617 decembris 8 ǁ