Tilburg, Regionaal Archief Tilburg, toegangsnummer 2649, Charterverzameling Geertruidenberg en Raamsdonk, inv. nr. 92.
23 maart 1784
Akte waarbij schepenen van Geertruidenberg verklaren dat Johannis de Leeuw, schout van Raamsdonk, als gemachtigde van vrouwe Anna Elisabet Geertruij van Son, ambachtsvrouw van Raamsdonk en Hedikhuizen, weduwe van de heer De Jongh, wonende te Breda, op 27 februari 1784 voor schout en schepenen van Raamsdonk in het openbaar verkocht heeft aan Adriaan de Bruijn, marktschipper van Geertruidenberg op ’s-Gravenhage v.v., en Pieter Janse Omens, schipper te Hooge Zwaluwe, een perceel zaailand,, gelegen in de Plukmade te Made, voor 380 gulden.
Wij Joost Basen Smits en Cornelis van der Hult ǁ scheepenen der Stad Geertruijdenberg, Oirconde en kennen dat, ǁ voor ons gekoomen en gecompareerd is, De Heer Johannis de Leeuw ǁ Schout van Raamsdonk, dewelke, in qualiteijt als last en procuratie ǁ hebbende van de Wel Edele Geboore Vrouwe Anna Elisabet Geertruij ǁ van Son weduwe van wijlen den Wel Edele Gestrenge Heere de ǁJongh, Ambachtsvrouwe van Raamsdonk en Hedickhuijsen, wooǁnende te Breda, volgens de procuratie gepasseeert voor den Notaris ǁ Jean Francois Mirandolle en getuijgen te Breda voornoemt in dato 8e ǁ maart 1784, ten deze vertoont en gelezen, verklaarde op den 27e februarij deezes ǁ jaars publicq ten overstaan van Heeren Schout en Scheepenen van Raamsdonk ǁ voornoemt, verkogt te hebben en als nu met vrijer giffte over te geeven aan en ten beǁhoeven van Adriaan de Bruijn marktschipper van deeze Stad op s'Hage en ǁ Pieter Janse Omens schipper, woonende op de Hooge Swaluwe, voor dewelke ǁ meede compareerde Casparus van der Haar, woonende alhier, die ten behoeven ǁ van de voornoemde persoonen in koop verklaarde te accepteeren, Een perceel zaaijland ǁ groot eene mergen twee honderd Roeden, geleegen onder de Made in de ǁ plukmade, koomende daar teegens oost .... west .... ǁ zuijden .... en noorden .... ǁ en dat met zodanige vrijdommen, actien en servituijten, zoo active als passive ǁ als 't zelve land hebbende en subject is, volgens d'oude brieven, bescheiden ǁ en verkoop-Conditie daar van zijnde, Bekennende den Heer comparant in zijne ǁ qualiteijt, de koop en overgiffte dezes, voldaan en betaald te zijn, aan de vrouǁwe verkooperesse, met eene zomma van drie honderd tagtich Guldens contant ǁ geld, geloovende overzulks voornoemde verkogte te zullen vrijen en waare, jaar en dag na deezer ǁ Stede Vierschaar regt, is vrij van Renten, preeter s' Heeren Cijns. ǁ 't Oirconde hebben wij Scheepenen voornoemt deeze met Onse gewoone Zegels bezeegt en ǁ [***] substituut Secretaris deeser Steede onderteekend den 23e Maart 1784 ǁ
In dorso:
Vestbrieff ǁ voor ǁ Adriaan de Bruijn ǁ en ǁ Pieter Janse Oomens ǁ In dato 23 Maart ǁ 1784 ǁ