Regionaal Archief Tilburg, toegangsnummer 2324, Charterverzameling Drimmelen (en Made, Hooge en Lage Zwaluwe en Terheijden), inv.nr. 96.
9 augustus 1783
Willem V, prins van Oranje en Nassau etc., benoemt Willem Brand tot ontvanger van de gemeenschappelijke middelen en inkomsten van het dorp en de heerlijkheid Terheijden in de baronie van Breda.
Wij Willem bij de gratie gods prince van Orange en Nassau grave van ǁ Catzenelnbogen, Vianden, Dietz, Spiegelberg, Buren, Leerdam en Culemborg, Marquis van Veere en Vlissingen, baron van Breda, Diest, Beilstein, der stad Grave en lande ǁ van Cuijk, IJsselstein, Cranendonk, Eindhoven en Liesveld, onafhankelijk heer van de vrije en souvereine erfsheerlijkheid Ameland, heer van Borculo, Breedevoort, Lichtenǁvoorde, t Loo, Geertruidenberg, Klundert, Sevenbergen, de Hooge en Laage Swaluwen, Naaldwijk, Polaanen, Sint Martensdijk, Soest, Baren en Ter Eem, Willemstad ǁ Steenbergen, Montfort, Sint Vith, Butgenbach en Daasburg, erfburggraaf van Antwerpen, erfmaarschalk van Holland, erfstadhouder, erfgouverneur, erfcapitein ǁ en admiraal generaal der Vereenigde Nederlanden, erfcapitein generaal en admiraal van de unie, ridder van de Kousseband en van den Swarten Adelaar etcetera etcetera etcetera ǁ alle die deese sullen sien ofte hooren leesen salut, doen te weeten, alsoo door de aanstellinge van meester Everhard Francois van Naerssen tot ontvanger der gemeentes middelen ǁ en inkomsten van onse dorpen en heerlijkheeden Groot Zundert, Kleijn Zundert en Rijsbergen in onse baronnie Breda, het ontvangers ampt der gemeentes middelen en ǁ inkomsten van onsen dope en heerlijkheid Ter Heijde, meede in onse baronnie Breda, is komen te vaceeren en derhalven nodig is een ander bekwaam persoon met het ǁ selve te voorsien, so is 't, dat wij mits het goed rapport aan ons gedaan van de getrouwheid, neerstigheid en bekwaamheid van Willem Brand, denselven hebben ǁ gesteld en gecommitteert, gelijk wij hem stellen en committeeren bij desen, tot ontvanger der gemeentes middelen en inkomsten van onse voorsz. dorpe en heerlijkheid Ter Heijde ǁ hem geevende volkoomen magt, auctoriteit en sonderling bevel, t selve angst int onse naam te aanvaarden, wel en getrouwelijk waar te neemen en te bedienen, de penninǁgn te innen, de onwilligen met parate en heerlijke executie tot voldoeninge te constringeeren, quittantie van sijnen ontvang te geeven, die wij willen van waarde te ǁ sijn, ieder jaar te doen behoorlijke reekeninge, bewijs en reliqua, en voorts met alle ijver, getrouwheid en minage van kosten, tot het meeste voordeel der goede ǁ ingeseetenen alles te doen wat een goed en getrouw ontvanger voorsz. schuldig is en behoord te doen, ende sulks op sodane instructie, als breeder is vervat bij het ǁ reglement van den 17 januarij 1686 en op het genot van alsulke gage en tentieme, als daar toe is staande en behorende, soo nogtans dat hij geene regten vacatien ǁ nog salarissen ten onsen laste, nog van die van onsen raade sal mogen pretendeeren wegens het geene hij voor onsen ofte derselver dienst, uijt hoofde van deese sijne ǁ bedieninge sal komen te doen ofte pleegen, maar ggehouden sal weesen sulks gratis waar te neemen en uijt te voeren, en sal hij voorts verpligt weesen om tot genoegen ǁ der regenten te stellen behoorlijke en sufficante cautie voor deese sijne administratie waer op ende van hem wel en getrouwelijk hier inne te sullen ǁ kwijten en gedraegen den voornoemde Willem Brand gehouden is te doen den behoorlijken eed, mitsgaders die van suijveringe ter kamere van die van onsen raade en ǁ reekeningen, welken eed gedaan en de voornoemde gesteld sijnde, ontbieden en beveelen wij den drossaert, magistraeten, offcieen en ingeseetenen van onse baronnie ǁ Breda en heerlijkheid Ter Heijde, mitsgaders alle anderen, die het selve eenigsints soude mogen aangaan, dat sij den voornoemde Willem Brand, als ontvanger ǁ voorsz. houden en erkennen, ende hem het effect deeses rustelijk en vreedelijk doen en laten genieten, sonder hem daar inne te doen of te laten geschieden eenig ǁ hinder of belet ter contrarie. Edog alles bij provisie in en t onsen weederroepens ǁ Gegeven onder onsen naam en groot zeegel op ons hof in 's Graavenhaage den 9de augusti 1783 ǁ
In dorso:
Op heeden den 15e augustij 1783 ǁ heeft Willem Brand in deese commissie genomiǁneert ter kamere van die van de raad en ǁ reekeningen van sijne hoogheid den heere prince ǁ van Orange en Nassai etcetera etcetera etcetera gedaan den ǁ behoorlijken eed als ontvanger der gemeentens ǁ middelen rn inkomsten van den dorpe en ǁ heerlijkheid Ter Heijde in de baronnie van ǁ Breda, mitsgaders die van suijveringe ǁ mij present ǁ